Teun van Laake - Vis paroles de chanson

paroles de chanson Vis - Teun van Laake




Graag stel ik je aan een diertje voor
En ik zie dat je aandachtig luistert, nou dat siert je hoor
Dat diertje dus, kent dit meer als zijn broekzak
Ik noem 'm vis, voor het gemak
Hij is behulpzaam, vriendelijk en moppert nooit
En heeft de lachers op zijn vin als hij met mopjes strooit
Met een glans op zijn schubben geprent
Kent vis geen ergernis en is immer content
(En nimmer vinnig)
Als een vis in het water zwemt vis
Onder golven bedolven en is wie die wil zijn
Zich in zijn sas met de plas die zijn thuis is
Op vreugde beradend, badend in weelde
Maar het scheelde niet veel of met vis was het mis
Want hij is tamelijk begaan met anderen
En hij ziet op de kant in een gênant theaterstuk
Wezens die baden in ongeluk
Een paar keer per dag steekt hij zijn kop boven water
en observeert, is verbaasd
Hoe daar wezens prat gaan op hun snater
Als moreel failliete acteurs in een theater
Al dat kwetsen en dat zwetsen en dat tieren
Hij ziet gluiperige naar hun grillen kruiperige dieren
Schreeuwerige achterbakse slinkse creaturen
Die niet naar zichzelf kijken, liever anderen begluren
(Rare beestjes)
Als een vis in het water zwemt vis
Onder golven bedolven en is wie die wil zijn
Zich in zijn sas met de plas die zijn thuis is
Op vreugde beradend, badend in weelde
Maar het scheelde niet veel of met vis was het mis
Want hij is tamelijk begaan met anderen
En hij ziet op de kant in een gênant theaterstuk
Wezens die baden in ongeluk
Het wemelt daar van wezens die gebukt gaan onder druk
Alles wat ooit heel was, maken ze stuk
En dit maakt vis bedroefd, want dat hoeft toch niet
Dus wil hij ze gaan helpen met hun woede en verdriet
Niet wetend hoe gaat hij voor advies naar de kikker
Maar die kwaakt hem uit, want het boeit hem echt geen *kwaak*
En de salamander zegt: "Ga maar naar een ander"
Ook in de libelle heeft hij geen medestander
(Vreemde vogels)
Zo is vis zich ten einde raad uit aan het sloven
Bevangen door die rare lange wezens daarboven
En enigszins wanhopig schreeuwt hij uit:
"Help toch, die wezens hebben hulp nodig!"
Radeloos en boos zwemt hij aan zijn ziel gewond
Zoekend naar de laatste ware strohalm in het rond
En bij het zien van een worm houdt hij zich niet in bedwang
Maar bij het happen voelt hij een steek in zijn wang
Als een vis in het water zwom vis
Onder golven bedolven en was wie die wilde zijn
Zich in zijn sas met de plas die zijn thuis was
Op helpen beradend badend in weelde
Maar nu is het mis en ligt vis aan banden
Ontschubd, gefileerd, ontdaan van ingewanden
En wordt hij opgediend in een nietsontziend theaterstuk
Door wezens die baden in ongeluk



Writer(s): Teun Van Laake


Attention! N'hésitez pas à laisser des commentaires.